Hoe kun je van een niet-meer-bestaand probleem, dat in de praktijk nooit een probleem geweest is, toch nog een probleem maken?
Dat is mijn idee met de in te dienen moties over weigerambtenaren.
Volgens mij heeftt nog nooit een trouwambtenaar geweigerd om iemand te trouwen. Was dat wel zo, dan hadden we dat zeker in de krant vernomen. Sterker nog: wie wil getrouwd worden door iemand die je niet wil trouwen?
De oplossing van het kabinet is zo eenvoudig en praktisch als het maar zijn kan: een ambtenaar kan weigeren als er een alternatief (collega) is.
Om dan alsnog een motie in te dienen die elke ambtenaar verplicht, schiet je alle doelen voorbij. Er is dan geen ruimte meer voor een ambtenaar die liever homo’s, moslims, gereformeerden, of wat voor minderheid wil trouwen en een of andere minderheid niet wil trouwen.
Zijn PVV en Groen Links zo dogmatisch dat die ruimte er niet meer is?
update:
Naar aanleiding van reacties op twitter even het volgende:
De focus ligt nu heel erg op homo-weigeraars. Maar ik ken uit mijn verleden voorbeelden, waarbij een ambtenaar om zeer persoonlijke reden een nichtje van mij niet kon helpen. Zij kon prima door een ander geholpen worden en alsdus geschiede.
Naast de ‘grote-weigerredenen’ kunnen er zeer persoonlijke redenen zijn. Waarom zou je dit soort zaken onnodig ingewikkeld maken?
Om het met een buurtsuper te vergelijken: als ik met een cassiere niet door een deur kan, is het toch geen probleem om door een ander geholpen te worden?
Die cassiere hoeft mij ook niet te willen helpen, tenzij zij de enige in de winkel is. Ik zou het niet anders willen.
Naar aanleiding van een artikel in NU.NL (Driekwart Nederland steunt monarchie: http://op.nu.nl/npvsSN) de volgende reactie:
De steun grote steun van Nederland aan het koningschap is terecht.
Daarbij vergeten veel mensen dat het huidige koningschap al lang niet meer te vergelijken is met het koningschap van 50 jaar geleden.
Kritiek vanuit de politiek op het ‘ondemocratische gehalte’ van het koningschap vergeten dat het koningschap in feite door de politiek gegijzeld wordt. Ze bestaat bij de gratie van het gedogen van het parlement.
Dat geeft het koningschap een groot voordeel boven andere (gekozen) vormen van leiderschap.
De huidige ‘macht’ van de koning is redelijk transparant. Transparantie zal in een andere vorm niet verder toenemen, terwijl op momenten dat de ‘macht’ nodig is (in een politieke crisis) deze macht zal ontbreken.
Juist door de levenslange gijzeling van het koningshuis, zal het koningschap in deze vorm garant staan voor continuiteit van onze staatsvorm.
Andere vormen van leiderschap op dit nivo hebben nog geen fractie van de ervaring die hiervoor nodig is.
Uiteraard wil de politiek regelmatig de macht van de koning inperken. De koning kan ‘lastig’ zijn na de verkiezingen, maar daar dat in andere vormen alleen maar erger wordt, is afschaffing of inperking van de macht alleen maar nadelig.
Een mooie site over de verschillen tussen beelddenken en woorddenken. De verschillen worden heel zichtbaar gemaakt en maken heel duidelijk hoe het komt dat tussen beide vormen een wereld van verschil zit.
Als Nederlanders zijn we nooit te beroerd om gebruik te maken van aanbiedingen. Logisch, want je moet nu eenmaal op je portemonnee letten. Bedrijven doen natuurlijk hetzelfde, ‘om de prijs van de consument zo laag mogelijk te houden’. (Of zoveel mogelijk aan de aandeelhouders te kunnen uitkeren.)
Ooit je afgevraagd hoe het kan dat een radiootje voor een paar euro in de winkel kan komen te liggen? Anders gezegd… wie betaald de rekening van een (te) lage prijs.
De video beschrijft de weg die producten afleggen van grondstof tot vuilnisbelt. Zeer inzichtelijk laat Annie Leonard met leuke animaties het verschil zien tussen de ‘het algemene plaatje’ en het plaatje met onderliggende kosten.
Naast de zeer aansprekende animaties geeft ze ook inzicht in het ontstaan van de huidige ‘consumenten-maatschappij’.
Uiteraard is er kritiek gekomen op deze video. Dat kan ook niet anders. Sommige critici nemen zelfs de moeite om al hun commentaar te verwerken in de video. Opmerkelijk vond ik dat deze criticus vooral over details valt. Hier kun je een versie vinden met ingemonteerde kritiek door HowTheWorldWorks.
Deze video is voor mij een mooie aanvulling op het boek van Geert Mak: Hoe God Verdween uit Jorwerd.
Ook Geert Mak laat zien hoe wij in de afgelopen jaren verandert zijn in consumenten. Het begin van het boek ligt veel eerder dan de video. Het begin van het boek ligt in de periode dat (vooral op het platteland) alle goederen aan huis werden geleverd en er nog geen etalages en supermarkten waren.
Aan de hand van de bewoners van Jorwerd glijdt de tijd langzaam vooruit. De vooruitgang gaat heel geleidelijk. Langzaam maar zeker zie je het moderne Jorwerd ontstaan tot het moment dat de schrijver het boek schreef.
Een kernpunt van de video is een beroemde uitspraak van Victor Lebow:
Our enormously productive economy demands that we make consumption our way of life, that we convert the buying and use of goods into rituals, that we seek our spiritual satisfactions, our ego satisfactions, in consumption. The measure of social status, of social acceptance, of prestige, is now to be found in our consumptive patterns. The very meaning and significance of our lives today expressed in consumptive terms. The greater the pressures upon the individual to conform to safe and accepted social standards, the more does he tend to express his aspirations and his individuality in terms of what he wears, drives, eats- his home, his car, his pattern of food serving, his hobbies.
These commodities and services must be offered to the consumer with a special urgency. We require not only “forced draft” consumption, but “expensive” consumption as well. We need things consumed, burned up, worn out, replaced, and discarded at an ever increasing pace. We need to have people eat, drink, dress, ride, live, with ever more complicated and, therefore, constantly more expensive consumption. The home power tools and the whole “do-it-yourself” movement are excellent examples of “expensive” consumption. (Bron: Journal of Retailing, voorjaar 1955)-google vertaling- (Om kort te gaan: De economie eist van ons dat we uiteindelijk onze bevrediging vinden in ‘consumeren’. Daarnaast moeten we steeds meer ‘kant-en-klaar’ te kopen. (complicated/more expensive))
Waar Geert Mak de ontwikkeling van een dorp laat zien, neemt Annie Leonard ons bij de hand om te laten zien hoeveel afval we eigenlijk direct (maar vooral indirect) maken en hoe het komt dat we voor 5 dollar een radio kunnen kopen. Het is niet alleen een verfrissende oproep om meer aan recycling te doen, maar vooral ook een oproep om na te denken over de ander kant van onze consumptiemaatschappij.